praktijkonderwijs  Kennemer College >>  Praktijkschool - lwoo >>  Algemeen >>  Werkend leren
 
Op deze locatie
Op de hele site

Werkend Leren in de bovenbouw

De manier van leren van het Ontdekkend Leren in de onderbouw wordt in de bovenbouw vervolgd en uitgebreid met stage. Andere veranderingen in de bovenbouw zijn:

* de leer- en ontwikkellijnen worden vervangen door competenties. De leerlingen werken aan de competenties Wonen, Werken, Vrije tijd en Burgerschap.

* De workshop is nu sector-gebonden; tijdens de workshop(s) wordt gewerkt aan de vakcompetenties van de gekozen sector. De vakcompetenties zijn een onderdeel van de competentie Werken. Een ander onderdeel van deze competentie is de stage.

* We spreken nu van Werkend Leren.

* In het Werkend Leren maakt de leerling zelf een rooster; op basis van zijn werkplan maakt hij in overleg  met zijn leermeester elke week een weekplanner. In deze weekplanner staat aan welke prestaties, leervragen, stageverslagen, opdrachten en/of meesterproef hij die week gaat werken.

* Verplichte onderdelen op de weekplanner zijn het dagelijks startuur bij de
leermeester, de stagedagen, de wekelijkse afsluiting, de sector- workshop(s)
en het gymmblok.



 

Verklarende woorden:

 

Competenties:

dat wat je kunt en kent

 

Portfolio:

map met  bewijzen van geleverde prestaties, afgesloten opdrachten, leervragen enz. De leerling gebruikt deze map bij zijn toekomstige werkgever of  bij een schakeling naar een vervolgopleiding om zijn ontwikkeling zichtbaar te maken

 

Werkplan:

onderdeel van het handelingsplan; wordt door de leerling en leermeester samen gemaakt, geëvalueerd en bijgesteld

 

Sector workshop:

tijdens deze uren wordt gewerkt aan de vakcompetenties van de gekozen sector

 

Startuur:

dageljks (meestal) eerste lesuur; verplicht,  tijdens dit uur bespreken de leermeester en de leerling de weekplanning en de voortgang van de gemaakte afspraken uit het werkplan

 

 

 Stage:

Stagelopen is het belangrijkste middel om te leren in de praktijk en een plaats op de
arbeidsmarkt te bereiken. Bij de toelating op een niveau 1 opleiding op een ROC is de
stage heel belangrijk.

Stagedocenten van school en stagebegeleiders op de werkplek coachen de leerlingen
in hun stage. De stageperiode bestaat uit drie duidelijk te onderscheiden fases: een
oriënterende psemo-stage in de onderbouw en beroepsoriënterende en beroepsvoorbe-
reidende in de bovenbouw.

 

De beroepsoriënterende fase:

In het derde en vierde leerjaar werkt de leerling twee of drie dagen in een bedrijf.
Hij komt in aanraking met allerlei aspecten van dat bedrijf. Het verder bijhouden en
verwerken van de opgedane kennis in zijn portfolio helpt de leerling een goede keuze
voor een bepaalde beroepsrichting te maken.

De beroepsvoorbereidende fase/plaatsingsstage:

Nadat de leerling een keuze heeft gemaakt, gaat hij meerdere dagen stagelopen
in de bedrijfstak waarin hij later wil gaan werken.Hij werkt aan zijn kennis en
vaardigheden in het zogenoemde uitstroomprofiel dat de school samen met het
bedrijfsleven heeft ontwikkeld. In deze laatste fase krijgt de school begeleiding van
"MEE" en de "MEERGROEP" als dit nodig is. Zo bereiden wij de leerlingen voor in de
praktijk van vandaag op de baan van morgen.


Webmail


Magister


Studieweb


praktijkschoolmail

praktijkschoolmail